zondag 25 juli 2010

weg

Als ik mijn fiets tegen de lantarenpaal op slot zet, denk ik; doe dat hangslot maar niet. Stel dat ze 'm vannacht pikken, dan ben je die ook nog kwijt.
De volgende dag heb ik spijt. Hij is weg. Ik ontdek het als ik 's avonds naar de bioscoop wil. Vertwijfeld kijk ik om het hoekje. Nee, echt weg. Ik heb heel veel spijt. Waarom toch de goden verzoeken? In deze fiets zit zoveel geschiedenis. Zoveel zweet en mooie kilometers. Had op z'n minst het frame gered. Te laat.

vrijdag 23 juli 2010

Basaal

Hoe vertaal je het begrip ''the basics''. Bestaat dat eigenlijk wel? Ik heb daar zo een voorstelling bij, maar ik kom niet op een geschikt Nederlands equivalent. Het is zo'n dag die rustig voortkabbelt en die mij een goed gevoel geeft. Deze dag is heel erg basic.

Van Dale zegt:

fundamenteel-elementair-essentieel-kardinaal-principieel-structureel-substantieel-vitaal-wezenlijk


Ik rooster brood. Echt brood. Van een echte bakker. Er zijn er meerdere in Rotterdam. Een ervan werkt zelfs met een gistcultuur uit Parijs. Misschien is het wel een bolletje. Ik stel me zo voor dat hij het in een speciaal vervaardigde bakkersschatkist bewaart. Beter nog, in een bakkersgistschatkist.

Op het warme brood smeer ik wat mayonaise.

We ontleden samen de gerookte makreel. Graten noemt hij haringen. Vis met de vingers, hapje brood in de mond. Ik loop weer rond achter de watersportvereniging. Stoere vissers rijgen de vers gevangen makreel aan een spies en hangen m op in de rookkist. De geur, het zonlicht, het getingel van de touwen tegen de masten, de dieselolie; het komt allemaal terug.

Adriaan is dol op makreel. Hij is in zijn element. Hij is al ruim een uur met kraaltjes in de weer. Er is muziek, liefde, eten en wat verkoeling. En zo bouwen we samen aan de fundamenten van zijn zijn. Heel basic dus.

dinsdag 20 juli 2010

De mens en zijn lichaam

Afgelopen zondag was ik in Hoek van Holland. Deze dag ging alles traag. Traag, omdat ik afscheid nam van mijn eerste schoonmoeder. Het was intens verdrietig, mooi en pijnlijk. Traag omdat ik niet wilde dat de dag verliep. Op het strand kwam ik een beetje bij. Lekker bloot, zout en zon op mijn huid.

Dezelfde avond bezocht ik een volkstuinvereniging. Ik liep tegen een huisje aan. Vraagprijs 8000 euro. Da's een hoop geld. Ik wandelde rustig door en bij een blauw met roze huisje vroeg ik een vrouw of ik haar een vraag mocht stellen. Toevallig zat ze in de taxatiecommissie. Ze wees me op de valkuilen (de praktische, niet de aardse).

Gegrepen door het tuindersvirus fietste ik de volgende dag met mijn mannetjes naar Overschie. Van internet wist ik dat bij ''Tuinderslust'' ook een huisje te koop staat, voor nog geen 3000 euro. Ambroos werd vrolijk van al die tuinen en zocht spontaan naar oma. Bij het huisje aangekomen vroeg ik een vrouw of het al verkocht was. ''Toevallig zit ik in de taxatiecommissie''. Ik keek verrast en vroeg of ik het huisje van binnen kon zien.

Iets verderop lag ook een complex. Daar liep ik tegen Kiki aan, de vrouw van Kabul.  Ik ken ze van oud werk en van de creche. Op hun tuindersparadijsje ligt een juridische claim. Kom mannen, op naar de volgende.

En daar was het raak. Hier ga ik een huisje kopen. Hier ga ik spitten, zaaien en oogsten. Hier worden lichaam en geest meer een.

zaterdag 17 juli 2010

schoonmaakgiraf

Ik fietste de Kaap op. Het hoekje om zag ik ze. Vier maal dikkertje dap. In een schoonmaakgiraf.





Da's dikke pret daarboven. He John, niet gluren. Rij ff door. En geef mij meteen de jif.

cesar

Ik schrok me rot. Op de rechterschoen van Ambroos zit een enorme slijtplek. Shit, hoe heb ik dat nu over het hoofd kunnen zien. Loopt hij echt zo slecht? Heeft hij een slepend been?
Ambroos rent namelijk zoals Lee Towers zingt. Of zoals Napoleon paard rijdt. Hij buigt zijn linkerarm en gebruikt dit als 'balansstokje'. Het is erg grappig om te zien. Ik neem me voor om een bevriend cesartherapeute te mailen voor advies.

Maar

Het is niet nodig. Vanochtend stapte Ambroos op z'n auto. Met een rotgang ging hij er vandoor. De pk zit in z'n benen. Aha, nu snap ik het. Zo slijten ze wel erg snel. Opgelucht zet ik me aan de krant en de koffie.

vrijdag 16 juli 2010

me moeder

Zaterdagochtend.

Daar komt ze dan. Inmiddels 71. Nog steeds goed verzorgd, gebruind en met de nodige lipstik.
Fier en een beetje moeizaam. Birkenstocks bestaan niet in haar vocabulair. Ze gaat met hakken het graf in. De haren blond, nog steeds een beetje bob, nog steeds een beetje Dallas.

Mijn vader dronk als jr en het maakte alles star.

Nee, geen sterrendom voor Trude. Al heeft ze veel van een teleurgestelde Duitse vrouw. Ja, dat is het, ze loopt zo terug in een film van Werner Fassbinder.

Ik ga haar beter leren kennen, de komende maanden. En er zal ook wel gehuild gaan worden.
Maar ook wel verzoend. En wie weet daarna, een beetje rust. Elkaar wat meer accepteren en niet meer doen alsof.

Het is vrijdagavond. Sharon Jones zingt warme blauwe liedjes. Ik ga zo even checken of de jongens er goed bij liggen. Daar is niets moederlijks aan. Da's gewoon des mensch.

Zigani

De komende vier maanden moet het gebeuren. Dan is alle overbodige shit weg.
Van de ongeveer 400 boeken, breng ik er 200 naar de goede. Dat geeft weer ruimte voor al die andere boeken die wachten op een plekje.
Dan zijn de fotoboeken volgeplakt. Is de administratie op orde. De kleren gestreken en het bed schoon.
Al die overbodige cd's zijn weg. De computer staat vol met het noodzakelijke.
Bijvoorbeeld "ANGELINA', van Louis Prima.

Dus

Je maakt een beeld van alle ruimtes in het huis, op een na. Daar kom ik alleen als het stormt of als de zon te hard brandt en de luxflex laag moet.

Dan

Begin je met een grondige schoonmaak. Calvinist als ik ben hou ik rekening met de pecunia en probeer ik voor zo min mogelijk zo'n groot mogelijk effect te creeren.

Eerste acte:

De slaapkamer. Boem. Lekker rood op de muur. Nieuwe kussens en een overtrek om te zoenen of om naakt op te gaan liggen.

Tweede acte:

De berging. O vuilnisbak, wat fijn dat je in de buurt bent. O aarde, wat mishandelen wij je met al ons overschot en overbod(ige). Maar goed, er gaat veel weg. Burn, baby burn.
Ik stapel acht stoelen van me schoonmoe op en zet dit buiten. Wat moet ik met die stoelen? Nog even bewaren? Mijn oude fiets zet ik op z'n kop, naast de stoelen. Daar haal ik nog even wat banden enzo van af. Straks. Er staat een bankje, voor de mannen, zomerpermanent en er liggen wat kleedjes.
We zitten hier als het op Zuid (ha) werkelijk te warm wordt.

Schaakavond is bij mij. Die spullen buiten vergeet ik totaal. Als ik de volgende dag de voordeur opendoe en naar links kijk, moet ik glimlachen. Zo, da's radicaal. Ach, waarom ook niet.
In eerste instantie denk ik aan de roteb. Maar de buuv weet later het antwoord.
Ze keek uit het raam en zag ze bezig. Ijzer, ijzer, zeiden ze. Ze zagen eruit als zigeuners.

Nou, als ik iemand iets gun, is het wel een zigeuner!

Bestemmimg bereikt.

dualisme

Vincent Scribent betekent Vincent vlutschrijver. Ahum. Klopt wel een beetje, want zeg nou zelf. Wat staat er nu eenmaal en hoe wereldschokkend literair vocabulair is het nu? Weinig. Hoe komt dat?
Discipline, zelfoverschatting, zelfverheerlijking, faam en toch niet van die kleine lettervierkantjes af kunnen blijven. Te weinig geoefend, te weinig opleiding, te weinig oog voor constructies in andere reconstructies. Dan maar autodidact.
Kan dat niet veranderen dan? Vraag je; ga jij veranderen?
Lees maar.

De jongste houdt het al 10 minuten vol. Het is een monotoon gehuil. Zodra ik zijn kamer binnenloop, stopt hij en zegt hij; ik eruit. Precies. En daar heb ik geen zin in. Hij krijgt het al een maand voor elkaar. De avond begint veel te laat en de dag voor hem veel te vroeg. Dilemma?
Jazeker. Het is maar goed dat mutti er niet is, zij kan hier namelijk niet tegen. Zelf kost het me ook veel moeite. O Guus Kuijer, wat moet ik nu? Dicteert het kind of ben ik gewoon een botte lul. Ik vrees het laatste, dus ik ga nu even naar boven. Zo terug.
Nee, toch niet. Er komen meer pauzes tussen het huilen. Aai, wat doet dit zeer. Het liefst neem ik m nu even op schoot. Ik ga.
Wat mooi. Ik kom zijn kamer binnen en hij stopt. Ik zeg, ''pappa gaat zitten''. Hij zegt: "pappa, zingen". Ik zing zijn favoriete liedje en na drie minuten slaapt hij. Het maakt de letters dansende.

Na een goede vijf jaar komen eindelijk mijn alter ego's weer bovendrijven. Een ervan is el torro. De andere zijn Pierre en Gaston. He jongens, da's lang geleden.

Waar was je nou?
-"Ik zit in therapie..."
Ja, en? Waar was je nou
-Ik weet het niet. Misschien een beetje meegestorven
Mee? Met wie?
-Met Dirk. Met Lola. Ik weet het niet.
Kom naar het strand. Wij liggen de hele dag al op de stretcher. Hup in het water en laat je gedachten aan de golven.
-Ok jongens, ik kom."

woensdag 12 mei 2010

Lente in Amsterdam

Na 4 maanden ga ik eindelijk Alec zien. De eerste zoon van Bart en Marjolein. Bart en ik zagen elkaar voor het eerst in januari 1969. Vervolgens duurde het een jaar of 16 voordat we elkaar echt goed leerden kennen. Dat kwam door de NRC. Die bracht Bart rond, wij waren het laatste adres.
Net als Bart komt Arend ook uit ''de Hoek''. En Arends eerste zoon, Jasper, is ook van december. Drie oude vrienden, drie eerstelingen van december. Jasper en Adriaan schelen een dag. Alec en Adriaan schelen een week en 5 jaar. Ik ben dus reuze benieuwd hoe het Bart vergaat. Prototype avonturier/zakenjongen.

Adriaan gaat mee. Ik kies voor overstappen op Schiphol. De dynamiek werkt aanstekelijk. We vragen een knappe blonde KLM stewardess naar de juiste bus. Adriaan glimt van trots. De bus rijdt als het ware door de achtertuin van Schiphol, wat een hoop vliegtuigen. Hij telt ze allemaal. 10 minuten later stappen we uit naast het Olympia stadion. De zon schijnt.

Alec is een wolk van een baby. Marjolein ziet er goed uit. En Bart? Die neem ik spoedig mee naar de kroeg. Even uit de baby-cocoon mood halen.

Op de terugweg rijden we langs een grasveld met heel veel paardenbloemen. Ik wijs Adriaan erop. De man naast ons vertelt spontaan dat hij 15 jaar geleden met zijn dochter een paardenbloem zocht voor biologie. Na lang zoeken hadden ze er eindelijk een.

Thuis gekomen spelen we nog even op het veld achter ons. En wat zien ik? Overal paardenbloemen. Zomaar op de Kaap. Hoe is dat bij jou? Zoek er een, het liefst een uitgebloeide, en doe een wens. Die van mij laat zich niet zo moeilijk raden. Lang leve Alec!






Lange gespierde man zoekt ...

Kort geleden kreeg ik een boek. Het gaat over de man en het lichaam. Hoe hij daar over denkt. En zo. Aanleiding voor het boek zijn de foto's van Arie Boomsma in een mannenblad. Arie is van de eo en kreeg straf. Ik had nog nooit een foto van Arie's lichaam gezien. Ik snap nu wel waarom hij gevraagd is. En de straf snap ik ook wel. Ze zijn gewoon jaloers daar bij de eo.
De verhalen in het boek gaan vooral over de moeite en energie die gedaan wordt om een gezond en gespierd lichaam te krijgen. Vooral veel trainen. Ik wil ook wel zo'n lichaam. Ik wil al heel lang zo'n lichaam. Vroeger, ja echt, hadden wij thuis een fitnessboek. Het werd door de vrouwen in huis 'het lekkere mannenboek' genoemd. Het droeg zeker bij aan menig fantasie. Mijn vader is van iets voor de oorlog, toen hij de juiste vitamines nodig had waren ze er niet. Met zijn lichaam is het nooit wat geworden. Goed breed van boven, maar met Chaplin benen. Ik heb mijn moeder nooit horen klagen. Ik erfde mijn vaders benen. Het ontbrak mij aan de discipline die nodig is om een Arie Boomsma lichaam te krijgen. Ik stak vooral veel energie in het hoofd.
Maar nu ik in mijn midlife crisis zit, denk ik weer eens aan dat fitnessboek. Misschien is Arie de druppel. Figuurlijk 'natuurlijk'. De timing klopt ook wel. Al een paar jaar fiets ik zo'n 4000 kilometer (per jaar). Dus die benen beginnen vorm te krijgen. Nu die kippenborst nog. Gisteren begonnen met zwemmen. Tering, wat heb ik een lange weg te gaan. Maar ik ga. Wacht maar Arie!

ps over het boek en thema volgen nog meer beschouwingen.


Milko&Sushi














Om 13.00 uur spreken we af. Om 14.00 uur ben ik er. Mijn taak: rijst wassen, rijst koken, rijst laten afkoelen en dan sushi azijn er doorheen. In Japan doet een leerling kok dit 1 jaar lang, alvorens hij mag rollen. Volgens Dave & Steef dan. Ik geloof ze natuurlijk niet, maar doe wel extra mijn best.
Dave & Steef zijn self made sushi jongens. Op Milko's bruiloft was het een ware klapper, meer dan 100 gasten genoten er van. Maar nu wordt Milko 40. Wat geef je iemand die alles al heeft? Sushi!
De rijst lukt aardig. Dave en Steef rollen de hele middag door. Ik leer ook hoe je kuipjes maakt en wat lekkere combinaties zijn.
Om 19.15 ga ik naar huis. Mijn taak zit erop. Om 21.00 uur ben ik op het feest. Met Loek, Milko's vader, rij ik naar Steef. Ik bel en zeg dat we er aankomen. "Maar we zijn nog niet klaar!" Ik kom toch. Niet veel later rijden Loek en ik weer terug. De sushi rollen gaan op de achterbank. Op mijn schoot heb ik een schaakboord vol met kuipjes rijst. Ook moet er een nieuwe kastdeur van Ikea mee. Als Loek remt, buigt hij naar links, ik naar rechts zodat we de kast niet tegen ons achterhoofd krijgen. We rijden langzaam.
De hele lading gaat direct het schuurtje in. Na een uurtje verschijnen Steef en Dave. Gewassen, geschoren en de messen geslepen. Mijn taak vanaf dat moment: Milko uit de keuken houden. Dit lukt aardig. Om 5 voor 12 schuiven we een witte kastdeur vol sushi op tafel. Lang leve Milko!



woensdag 17 februari 2010

INTERNIKS

Niet zo lang geleden begon ik met dit blog. Ik dacht, wie weet neemt mijn internethandigheid toe. Ga ik het medium doorgronden. Krijg ik het gevoel (bij het schaken) dat ik kan meepraten. Dat ik weet wat Google voor ons bedacht heeft. En dat ik daar blij van wordt.
Of dat ik een reuze handig en effectief netwerk heb opgebouwd. Maar helaas, dit werkt niet voor mij. De nieuwste electronische snufjes verdampen bij de geur van een echt boek. Ik lees er wel over in de krant. En een netwerk onderhouden kost me teveel tijd.

Of ik word er te melancholisch van. Dan lees ik dat Simon aan het skien is in Zwitzerland en dan denk ik, Jezus, hoe lang is Jersey wel niet geleden. Of, heel anders, zie ik opeens de naam van een klasgenoot die vroeger veel geplaagd werd. Dan ben ik blij dat hij goed terecht is gekomen. En schaam ik me een beetje dat ik zelf niet liever was. Ik deed niet mee, maar ik sloeg die anderen ook niet op hun bek. Dat deed ik op de lagere school namelijk wel. Ergens is het misgegaan..

Exit facebook, exit linkedin. Ze bekijken het maar. Het kost me ook teveel tijd. Geef mij maar een echt gesprek. Met vlees en bloed. En zichtbare rimpels. En gezichten, die iets vertellen. Want letters verhullen. Zo'n computermachine is ook veel te kil. En al die foto's, al die berichten, al die verhalen, ze slaan je creativiteit stuk.


Waar ik ook griep van krijg zijn al die doordachte reclame boodschappen. Internet is teveel een gigantische geldmachine. Een propaganda wolf. Eerst de radio, toen de televisie en dan nu internet. Niets is veilig. Wat dat betreft ben ik conservatief.

En toch ben je o zo verleidelijk. Waarom zou ik hier anders schrijven? Er is publiek. Ergens.
En er is muziek. En er zijn ideeen. Hoe lang nog voordat de eerste sociologische studie verschijnt met daarin de begrippen economisch, cultureel en digitaal kapitaal?
Internet als bron van kennis. Kennis als bron van verslaving. Een eindeloze heerlijke kennisgolf waarop het prettig surfen is.

Gelezen in de krant van vandaag:

In de metro van Rotterdam is een jongeman gesignaleerd met een boek van de Vlaamse auteur Tom Lanoye. De man droeg op de heenweg een muts. Op de terugweg niet meer. Dat staat op de videobeelden. De man lijkt aangeslagen. Nee, niet door de mr-vergadering, hoewel die ook schokkend was. Nee, het was dat boek. Verpletterend. "ik had even zin in iets anders dan die Israeliet. Dus pakte ik die Vlaming uit de kast. Tering, wat goed. Het is dat ik monden moet voeden, anders had ik een paar dagen vrij genomen"



















woensdag 10 februari 2010

er lag een dode vogel langs de weg en langzaam stoof de sneeuw tot een heuvel waar al gauw enkele ontsnapte albert hein smurfen de kans zagen om

Misschien is dit medium wel het meest geschikt voor korte verhalen.

Ik fiets langzaam over de aangedrukte sneeuw. Een auto staat met de voorkant boven op een betonnen paal. Het is glad op de weg. En o zo mooi, Rotterdam en de Maas in het ochtendgloren onder een dunne laag sneeuw, met veel wind en schimmige mist. Waar blijft de hoorn?

Hoi meester, we gaan er een leuke dag van maken, toch? Nee, niet kroelen, je bent nu een grote meid, we geven elkaar een hand. En met een engelenglimlach begint haar dag. En die van mij. Doet de computer het weer? Ja? Ach, ik zei het toch, maak je maar geen zorgen, het komt wel goed. Mogen de poppen kijken?


De school waar ik werk is volkomen ict incompatible. Vandaag een cursus; het (digitaal) ontwikkelings volgmodel. Leon, de cursusleider, is er klaar voor. Mijn collega's met een frisse blos op de wang klaar voor de start. Ikzelf een academisch kwartiertje te laat. Hebben jullie allemaal de persoonlijke inlogcode? Nee, allemaal niet. De manager wordt gebeld. Foutje. Cursus gaat niet door. Het sneeuwt gelukkig nog steeds.

En thuis is er liefde. En pannekoeken. En een vol bad. En samen Bob de Bouwer kijken. En zingen. En boekjes lezen. En kroelen. De was ophangen. Rapporten schrijven. Muziek. En dit webblog. Wie weet neem ik de komende maanden een break om vervolgens met een echt verhaal te komen. Leef wel.



zondag 3 januari 2010

ik vang je

In de kamer van Adriaan hangt een grote tak aan het plafond. Deze vonden we op ons kleine strandje. Aan die tak hangt een dromenvanger en een muziekslapertje. De tak hangt schuin, dat wil zeggen, van de ene hoek naar de andere. Diagonaal. Laatst zat ik op het bed in de nis. Adriaan slaapt net. De gordijnen zijn bijna helemaal dicht. Een auto komt langzaam aanrijden (nu zeker, met die sneeuw) en in de kamer begint een mooi lijnenspel. Een bundel licht gaat over het plafond, precies daar waar de tak hangt. Alsof de tak gevangen wordt.